Wilhelmus

Ons volkslied Het Wilhelmus is het oudste volkslied ter wereld, hoewel het precieze jaar van schrijven nooit echt is achterhaald. Waarschijnlijk dateert het van tussen 1568 en 1572. De schattingen variëren tussen de jaartallen 1568 en 1572 en men vermoed dat het in 1570 is geschreven. De muziek komt uit Frankrijk en is bedacht door Franse soldaten tijdens de belegering van de stad “Chartres” ten zuiden van Parijs. Deze muziek dateert van 1880. De schrijver is Philips van Marnix, heer van St. Aldegonde (1540-1598). Hij was letterkundige, studeerde zowel Theologie als Rechten en was bovendien een vriend en dienaar van Willem van Oranje. Dit is echter niet bewezen. Sommigen twijfelen er dan ook aan en zeggen dat Coornhert de schrijver is.

Het lied is een ode aan de Prins van Oranje. In het lied wordt het leiderschap van deze Prins verdedigd. Het heeft ruim 350 jaar geduurd voor dit lied de status van officieel Nederlands volkslied kreeg. Dit gebeurde pas op 10 mei 1932 toen behoefte kwam aan een volkslied. Er werd een competitie gehouden, en in mei 1932 stemde het kabinet voor het Wilhelmus als nationaal volkslied. Een paar jaar geleden is in de Parijse Bibliothèque Nationale de oudste versie van het Wilhelmus gevonden in een Geuzenliederenboek uit 1577. Doordat de tekst enigszins afwijkt van de tot dan toe oudste tekst, zorgde deze vondst voor nogal wat opschudding. Na de ontdekking van het boek is deze ondergebracht in een beschermd gedeelte van de bibliotheek. Alhoewel dit liederenboek een zeer bijzondere vondst is, heeft dit niet geleid tot het met zekerheid achterhalen van de auteur of het jaartal waarin het is geschreven.

Het Wilhelmus is geschreven in de tijd van de Rederijkers, en is dan ook een Rederijkersvers.
Een populaire dichtvorm binnen deze literatuurstroming is het naamdicht (of: acrostychon).
Dit wil zeggen dat de eerste letters van elk couplet een naam of woord vormen. In het geval van het Wilhelmus is dit: Willem van Nassov. De twee bekendste coupletten zijn:

Wilhelmus van Nassouwe
Ben ik van Duitsen bloed.
Den vaderland getrouwe
Blijf ik tot in den dood.
Een Prinse van Oranje
Ben ik, vrij onverveerd
Den Koning van Hispanje
Heb ik altijd geëerd.

Mijn schild ende betrouwen
Zijt Gij. o God mijn Heer.
Op U zo wil ik bouwen
Verlaat mij nimmermeer.
Dat ik doch vroom mag blijven
Uw dienaar t’aller stond,
De tirannie verdrijven,
Die mij mijn hert doorwondt.

Meer informatie is te vinden op het internet.