Odile Moereels werd in 1880 in België geboren. In 1921wordt ze directrice van het Stadsziekenhuis aan het Kerkplein in Hoorn.

Ze is goed bevriend met de Hoornse onderwijzeres Aaf Dell en Dieuw van Vliet. Aaf en Dell wonen op het Grote Oost in de conciërgewoning van het Waterschapshuis. Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, wordt juist daar aan het Grote Oost het Duitse hoofdkwartier gevestigd. Met gevaar voor eigen leven weet dit drietal onverschrokken vrouwen echter velen mensen te redden uit handen van de bezetter.

Odile maakt gebruik van het feit dat ze ziekenhuisdirectrice is: ze neemt namelijk Joodse vrouwen op als verpleegsters in haar staf waardoor deze vrouwen voor de Duitsers onvindbaar zijn. Alleen al hierdoor heeft ze zeker tien vrouwen het leven gered. Op een gegeven moment blijkt één van deze Joodse zusters zwanger te zijn. Zij bevalt in 1943 van een zoon: Loekie Theman. De Joodse jongen kan daar niet blijven, het gevaar voor ontdekking is te groot. Daarom wordt Loekie na overleg met Aaf Dell naar een pleeggezin in Hoorn gebracht, zo heeft hij de oorlog overleefd.

Na de oorlog verleent Burgemeester Leemhorst Odile op haar 65e eervol ontslag, waarbij ze ook de erepenning van de stad Hoorn ontvangt. Na haar aftreden verhuist ze terug naar Alkmaar, waar zij tot haar overlijden in 1964 blijft wonen. Achteraf komt er meer erkenning voor Odiles verzetswerk: in 1971 krijgt ze postuum van Yad Vashem de oorkonde voor Rechtvaardige onder de Volkeren. Zij deelt deze erkenning met Aaf Dell en Dieuw van Vliet.

In 2020 krijgt Odile eindelijk ook een zichtbaar herdenkingsmonument in Hoorn. In de binnentuin van het Dijklanderziekenhuis, de opvolger van het Stadsziekenhuis, staat ze afgebeeld op een kunstwerk van JChristiaan Heijdenrijk. Daarop is Odile Moereels te zien met op haar schoot een peuter. Dat is het kind dat zij eigenhandig het leven heeft gered, namelijk Loekie Themans.